Maatwerk per initiatief voor een zonneveld

Als een initiatiefnemer een plan heeft voor een zonneveld, dan gaat hij/zij zo snel mogelijk in gesprek met de gemeente. De gemeente gebruikt de voorwaarden (onderstaand) en richtlijnen uit andere pagina’s van dit beleidskader als basis. Van daar uit wordt er maatwerk geleverd voor ieder zonneveld. Zie ook de pagina ‘aanvraagproces‘ en de afbeelding hiernaast (klik voor een uitvergroting).

De gemeente bepaalt de ambitie en stelt de kaders vast specifiek voor dit zonneveld. Denk aan de diverse keuzes voor hoe het zonneveld wordt ingericht, integraal ontworpen en ingepast in het landschap. De gemeente bewaakt deze kaders tijdens het proces en past deze aan als dit nodig is.

De initiatiefnemer is eindverantwoordelijk voor het binnen de kaders uitvoeren van het proces (het hoe) en voor de inhoud (het wat). De initiatiefnemer neemt de mening van onder andere de gemeente maar ook andere belanghebbenden mee in haar plan.

Gemeente bepaalt de kaders voor inrichting en inpassing

In ieder geval de volgende keuzes zijn onderwerp van gesprek tussen gemeente en initiatiefnemer, deels met omwonenden en andere belangenhebbende organisaties (zoals het waterschap):

  • locatie van het zonneveld (is het agrarische grond? Dan geldt verplicht overleg met andere agrariërs)
  • grootte van het zonneveld
  • hoogte van de installatie
  • afstand tussen de rijen zonnepanelen (landschap & bodem – zonlicht, water)
  • positie op het kavel en ten opzichte van de zon (oost-west of zuid)
  • integraal ontwerp van het zonneveld / meervoudig ruimtegebruik: landschap, recreatie, natuur, educatie, bodem/landbouw
  • inrichten van de infrastructuur / aansluiting op het net (inkoopstation, omvormers)
  • inpassen in het landschap = onttrekken uit het zicht met gebiedseigen beplanting (bijv. houtwallen)
  • bodemkwaliteit in stand houden of verbeteren (biologisch, chemisch, water: schoonmaak- en bestrijdingsmiddelen t.b.v. onderhoud zijn natuurlijk of biologische afbreekbaar)
  • invloed op natuur & biodiversiteit minimaliseren én compenseren
  • positieve invloed op natuur & biodiversiteit creëren (bijvoorbeeld omzomen met kruidenrijke gewassen)
  • wijze van fundering (relatie met archeologie en bodemkwaliteit)
  • wijze van afwatering (watersysteem én archeologie)
  • bereikbaarheid van zonneveld voor veiligheidsdiensten inclusief bluswater (incl maken van afspraken over afschakeling elektriciteit)
  • harde afspraken over einde zonneveld: verwijdering en hergebruik van panelen (conform richtlijn AEEA, bijv.  via lidmaatschap Stichting SAR en/of Stichting ZRN) en het herstellen van de bodemkwaliteit
  • wijze van betrekken van omwonenden in het proces (participatieplan)
  • wijze waarop de eis van financiële deelname (50% lokaal eigendom) vorm krijgt (zie ‘financiële participatie )
  • opgewekte stroom wordt met certificaat van oorsprong op de markt aangeboden
  • de ‘Gedragscode Zon op Land’ van Holland Solar, met betrekking tot de fysieke en procesmatige wijze van ontwikkeling, inpassing, vormgeving en beheer van projecten van zon op land, wordt nageleefd

Al deze keuzes hebben invloed op het aantal panelen dat de initiatiefnemer kan plaatsen en dus op de business case.

Voorwaarden omvang

De gemeente stelt een grens aan de totale omvang van zonnevelden in het buitengebied van Wijk bij Duurstede voor deze raadsperiode. Daarna wordt er een nieuwe afweging gemaakt.

 

Grens voor de raadsperiode tot en met maart 2022:

  • maximaal 60 hectare zonneveld in het gehele buitengebied (zie uitleg onderaan ‘klimaatdoel‘)
  • in de twee kansrijke gebieden (groen op de kansenkaart) is maximaal 40 hectare aan zonnevelden toegestaan per gebied
  • in gebieden met beperkte kansrijkheid (oranje op de kansenkaart) is maximaal 10-15 hectare aan zonnevelden toegestaan
  • de maximale omvang van een zonneveld is exclusief de ruimte nodig voor landschappelijke inpassing aan de buitenzijde (bijvoorbeeld kruidenrijke rand
    of andere landschappelijke inpassing). De stroken tussen de rijen zonnepanelen maken deel uit van (het grondoppervlak van) het zonneveld.

 

Door 60 hectare als bovengrens te stellen voor deze periode, kunnen inwoners, bedrijven en de gemeente wennen aan zonnevelden en wat dit betekent voor ons landschap.

LET OP!

  • De gemeente kan initiatieven onderbouwd afwijzen, ook als het plafond nog niet is bereikt, als ze van mening is dat andere belangen teveel worden geschaad en er betere locaties voor handen zijn (omgeving).
  • Dit plafond kan door de gemeenteraad onderbouwd worden aangepast bijvoorbeeld naar aanleiding van de ervaringen met de eerste zonnevelden of de afspraken binnen de Regionale Energie Strategie.
  • Strategische opgaven: door de U10 wordt onderzocht waar in de regio ruimte is om te voorzien in de groei binnen de regio. Daar waar een initiatief voor een zonneveld andere toekomstige ontwikkelingen kan frustreren, zal de afweging moeten worden gemaakt tussen de belangen.

Voorwaarden hoogte

Onderstaande hoogten zijn bedoeld als richtlijn. De afweging per locatie is maatwerk:

  • 1,5 – 3 meter hoog in een gebied zonder wijds/gewaardeerd uitzicht
  • 1,5 – 3 meter hoog kan toegestaan worden in geval van dubbel ruimtegebruik of op plekken naast hoogbouw, (fruit)boomgaarden, etc.
  • 1 – 1,5 meter hoog in een gebied met (wijds/gewaardeerd) uitzicht (zodat je er overheen kunt kijken)
  • 0,5 – 1 meter hoog waar sprake is van uitzicht met hoge waarde / recreatieve route / buitenplaatsen / locaties direct aan doorgaande weg, etc.

Informatie die moet worden aangeleverd

De initiatiefnemer zorgt voor een ruimtelijke onderbouwing. Ook wordt een participatieplan aangeleverd. Gaat het om agrarische grond? Dan is overleg met andere agrariërs verplicht.

Voor ten minste de volgende onderwerpen wordt beschreven wat de huidige kwaliteit is en wat de verwachte invloed is van het zonneveld. En ook welke maatregelen er worden genomen om negatieve invloed te minimaliseren, te compenseren en waar mogelijk te verbeteren. Informatie moet worden aangeleverd over:

  • inpassing in het landschap (hoe gaat het eruit zien vanuit perspectief van bewoners en toeristen)
  • natuurwaarden van het gebied (nulmeting voor flora & fauna)
  • inventarisatie cultuurgeschiedenis
  • waterhuishouding (waterpeil en afwatering)
  • archeologie (nulmeting, waterpeil en doorboring)
  • nulmeting bodemkwaliteit/samenstelling/toekomstige bodemfunctie
  • milieuaspecten zoals straling, warmte, geluid
  • overleg met andere agrariërs over kavelruil met als doel: zonneveld op gronden van lagere agrarische waarde
  • overleg met omliggende agrariërs over andere afspraken zodat zij minimaal worden verstoord in hun (toekomstige) bedrijfsvoering
  • beheerplan (afgestemd met omgeving)
  • communicatieplan met als voorwaarde alle communicatie op B1 niveau
  • mogelijkheid voor omwonenden en lokale bedrijven om mee te doen in het proces, financiering en uitvoering
  • aantonen dat sloten niet worden gedempt (provinciaal beleid)
  • aantonen dat de bodem niet wordt geëgaliseerd (zeker in het geval van cultuurhistorische landschappelijke waarden zoals stroomruggen)
  • informatie over de herkomst van de financiering (wet Bibob)

Toekomstige voorwaarden

De lijst met voorwaarden wordt aangepast op basis van nieuwe ontwikkelingen. Denk bijvoorbeeld aan:

  • een standaard of keurmerk voor de herkomst van de materialen van de panelen én voor de wijze van hergebruik bij einde levensduur, indien uitgebreider dan de huidige AEEA richtlijn (circulaire economie)
  • het opwerken van de bodem naar een bepaald kwaliteitsniveau (toekomstig landgebruik)